Desmond Tutu Hier: oorspronkelijke Engelse tekst
Dat betekent echter niet dat ik zonder hoop ben. Ik ben een christen. Mijn geloof zet mij ertoe aan te hopen tegen beter weten in, te vertrouwen op dingen die we nu nog niet zien. Hoop houdt vol tegenover bewijzen van het tegendeel, en laat zich niet afschrikken door tegenslagen en teleurstelling. Hopend tegen beter weten in geloof ik dat er een oplossing gevonden zal worden. Die zal niet volmaakt zijn, maar kan wel rechtvaardig zijn; en als die rechtvaardig is, zal die leiden naar een toekomst van vrede. Mijn hoop op vrede is niet vaag, maar heeft een concrete vorm. Niet de gestalte van een politieke oplossing, hoewel er sommige politieke oplossingen zijn waarvan ik geloof dat ze meer rechtvaardig zijn dan andere. Ook heeft mijn hoop niet de gestalte van één bepaald volk, hoewel ik onvermoeid gepleit heb voor internationale aandacht voor de nood van de Palestijnen, en ik heb ronduit al het onrecht veroordeeld, veroorzaakt door de Israëlische maatregelen die voor die ellende verantwoordelijk zijn. Om die reden ben ik vaak beschuldigd van partijdigheid voor de Palestijnen tegen de Israëlische Joden, en van naïviteit in het goed praten van de één en het demoniseren van de ander. Niettemin blijf ik van mening dat de hoop waaraan ik vasthou niet is te herleiden tot politiek of geïdentificeerd kan worden met één bepaald volk. Die hoop heeft een meer omvattende gestalte. Ik noem die graag ‘De droom van God’. God heeft een droom voor al zijn kinderen. Die gaat over de dag dat alle mensen leven in onbedreigde veiligheid en vrij zijn van angst. Over de dag dat alle mensen wonen in een gastvrij land waar ze bouwen aan de toekomst. Bovenal gaat Gods droom over de dag dat alle volken als gelijkwaardig worden gezien omdat ze mensen zijn. In Gods prachtige droom is geen andere reden nodig. Gods droom begint als we elkaar leren kennen als dragers van gedeelde menselijkheid, niet als nummers die je moet tellen, als problemen die je moet oplossen, als vijanden om te overwinnen of als dieren om op te sluiten. Gods droom begint op het moment dat de ene tegenstander de ander in de ogen kijkt en zichzelf daarin gespiegeld ziet. Alles wordt mogelijk wanneer harten die versteend zijn in onderlinge minachting iets gaan begrijpen van een alles veranderende waarheid, nl. dat deze mens voor wie ik bang ben en die ik verafschuw niet een onmens is, iets dat minder is dan een mens. Deze mens lijkt heel veel op mij, hij geniet en lijdt, heeft lief en is bang, verbaast zich, is bezorgd en heeft hoop. Evenals ik verlangt deze mens naar wel-zijn in een vreedzame wereld. Gods droom begint bij wederzijdse erkenning - we zijn geen vreemden, we zijn verwant. Dat besef culmineert in het afrekenen met onderdrukking in naam van veiligheid, met geweld in naam van de vrijheid. Gods droom verdrijft het cynisme en de wanhoop die de weg baanden voor de haat die ons aantastte, en voor het roofzuchtige geweld dat alles op zijn weg verzwolg. Gods droom gaat bloeien wanneer iedereen die beweert totaal onschuldig te zijn een einde maakt aan die illusie, wanneer iedereen die alle schuld bij de ander legt die leugen afwijst, en wanneer tegenstrijdige verhalen verteld gaan worden als één gedeeld verhaal van menselijk streven. Gods droom wordt voltooid in genezing en verzoening. Zijn mooiste vrucht is menselijke heelheid die groeit en bloeit in een moreel universum. Op weg daarnaar toe, tussen de wortel van menselijke solidariteit en de vrucht van menselijke heelheid, is er de zware taak van het vertellen van de waarheid. Op grond van mijn ervaringen in Zuid Afrika weet ik dat het vertellen van de waarheid een moeilijke opgave is. Het heeft grote consequenties voor je leven en reputatie. Het zet je geloof onder spanning, het is een test van je vermogen om lief te hebben, en het vraagt het uiterste van je hoop. Soms kunnen de moeilijkheden van deze opgave je doen afvragen of de mensen misschien toch gelijk hebben, dat je een dwaas bent. Niemand begint deze taak als een incidentele goede daad. Het is geen keuze. Je voelt je ertoe genoodzaakt. Het is ook geen werk voor zo maar even, maar voor een leven lang - en voor meer dan een leven lang. Het is een project dat groter is dan elk mensenleven. Deze visie is een bron van bemoediging en volharding. De wetenschap dat de taak ons voorafging en zal blijven ná ons, is een bron van diepe vreugde waaraan geen enkele omstandigheid wat kan veranderen. Niets echter vermindert de angst en onzekerheid die er is bij het spreken van de waarheid in de kracht van de liefde. Deze opdracht gaat steeds vergezeld van een helder besef van eigen feilbaarheid, maar omdat niets belangrijker is in de huidige situatie dan zo betrouwbaar mogelijk de waarheid te spreken, kun je niet er niet voor terugdeinzen te getuigen van hetgeen je ziet en hoort. Wat zie en hoor ik in het Heilige Land? Sommigen kunnen niet vrij van de ene naar de andere plaats reizen. Een muur scheidt hen van hun families en inkomen. Ze kunnen niet naar hun eigen akkers of naar hun lessen op school. Ze worden in willekeur vernederd bij checkpoints en onnodig vastgehouden door onberekenbaar gebruik van bureaucratische rode tape. Het doet me pijn als ik zie hoe dagelijks de zielen en lichamen van mensen worden geschonden. Ik moet de waarheid zeggen: Ik word herinnerd aan het juk van onderdrukking dat we destijds moesten dragen in Zuid Afrika. Ik zie en hoor dat oude olijfbomen worden ontworteld. Kuddes worden afgesneden van hun weiden en schaapherders. De huizen van sommigen worden vernield door bulldozers terwijl nieuwe huizen voor anderen illegaal worden gebouwd op andermans land. Het doet me pijn als ik zie hoe het land lijdt onder zulk geweld, hoe haar schoonheid geschonden wordt, hoe haar lieflijkheid teloor gaat, haar opbrengst geplunderd. Ik moet de waarheid zeggen: Ik word herinnerd aan de bittere dagen van ontworteling en roof in mijn eigen land. Ik zie en hoor dat jongeren geloven dat het heldhaftig is en vroom anderen te doden door zichzelf te doden. Ze binden explosieven op hun lichaam om zo bevrijding te realiseren. Maar ze weten niet dat bevrijding door geweld tenslotte zal ontaarden. Het doet me pijn als ik de verspilling zie van hun levens en van die van hun slachtoffers, als ik zie hoe ze persoonlijke en gemeenschappelijke onveiligheid veroorzaken, en hoe hun misdaden wraakgevoelens oproepen die alle redelijkheid en beheersing te boven gaan. Ik moet de waarheid zeggen: Ik word ook herinnerd aan de explosieve woede die Zuid Afrika in brand zette. Sommigen zijn woedend over vergelijkingen tussen het Israëlisch-Palestijnse conflict en wat er gebeurde in Zuid Afrika. Er zijn verschillen tussen beide situaties, maar een vergelijking hoeft niet in elk opzicht op te gaan, om duidelijk te maken wat er gebeurt. Bovendien, voor hen die de onmenselijke verschrikkingen van het tijdperk van apartheid hebben doorgemaakt, is de vergelijking niet alleen juist maar ook noodzakelijk. Het is noodzakelijk als we willen volharden in de hoop dat dingen kunnen veranderen. Inderdaad, door wat ik heb meegemaakt in Zuid Afrika koester ik een vaste, onberedeneerde hoop voor Israël en de Palestijnse gebieden. De Zuid Afrikanen hadden welbeschouwd geen enkele reden te veronderstellen dat het systeem van het kwaad en de geweldsspiraal die de ziel van onze natie uitputten, ooit zouden veranderen. Er was niets bijzonders aan de Zuid Afrikanen dat zij het verdienden, dat zou gebeuren waarvoor we zo lang hebben gebeden, gewerkt en geleden. De meeste Zuid Afrikanen geloofden niet dat ze een dag van bevrijding zouden meemaken. Ze geloofden evenmin dat hun kinderen die zouden meemaken. Ze geloofden zelfs niet dat zo’n dag zou kunnen bestaan, behalve in hun fantasie. Maar we hebben hem gezien. We beleven nu de dag waar we zo naar verlangd hebben. Het is geen wolkenloze dag. De boog van God die zich uitstrekt naar een werkelijk rechtvaardige en geheelde samenleving staat nog niet helemaal aan de hemel van mijn land als een regenboog van vrede. Hij is nog niet voltooid, zijn belofte is nog niet geheel vervuld, hij is niet volmaakt - maar hij is nieuw. Een volstrekt nieuwe werkelijkheid, als een droom van God, komt in de plaats van de oude geschiedenis van wederzijdse haat en onderdrukking. Ik heb het gezien en gehoord, en dus ook van deze waarheid moet ik getuigen - als het kan gebeuren in Zuid Afrika, dan kan het ook gebeuren bij Israëli’s en Palestijnen. Er is weinig reden om optimistisch te zijn, maar er is alle grond voor hoop. Desmond Tutu was aartsbisschop van Kaapstad, voorzitter van de Zuid Afrikaanse Commissie voor Waarheid en Verzoening, en Nobelprijs-winnaar.
|